|
|
De cliënte van mr. Wensing kocht een groot paardencomplex in Zuid Holland. Het bedrijf diende nog verbouwd te worden en de cliënte gaf aan een aannemer opdracht om stallen en een stapmolen te bouwen. Aanvankelijk werd de klus voortvarend aangepakt, maar naar mate de tijd verstreek rezen problemen en bleek de opdracht niet op tijd te kunnen worden uitgevoerd. Hierover ontstond een juridisch geschil en namens de cliënte werd tegen de aannemer een gerechtelijke procedure aangespannen. De aannemer stelde een tegenvordering in, volgens hem diende nog facturen te worden afgerekend. Tijdens de zitting bleek de sfeer niet bijster slecht en de rechter stelde vast dat de aannemer een geldsom aan de cliënte moest betalen. Ook stelde de rechter vast dat nog veel zaken nader uitgezocht diende te worden en dat de procedure nog zeer lang kon gaan duren. Uiteindelijk vonden partijen elkaar en is op de zitting een vaststellingsovereenkomst bereikt.Terug |
|
 |