S. Wensing _ 10-04-02 _ Botsing
Er is nog steeds veel onduidelijkheid over risico-aansprakelijkheid van paardeneigenaren. Stel je rijdt met een paard op een wedstrijd, kunt het dier niet meer in bedwang houden en botst tegen een ander paard op. Het andere paard raakt gewond en er ontstaat aanzienlijke schade. Wie is dan aansprakelijk?
De wet heeft bepaald dat de aansprakelijkheid van paarden bij de eigenaar ligt. Het moet dan wel gaan om een eigen gedraging van het paard, dus niet om een door de ruiter gegeven foutieve instructie. Indien het paard een ander paard of persoon verwondt, dan is de eigenaar aansprakelijk.
Op deze regel zijn weinig uitzonderingen. Wanneer een paard door een ander dan de eigenaar wordt gebruikt, en wel in bedrijfsmatige zin, dan is de gebruiker aansprakelijk (bijvoorbeeld een manege- eigenaar). Ook bij onzorgvuldigheid van instructeurs komt dat veelal voor rekening van de manegehouder.
De wet houdt daarbij wel rekening met de ‘eigenschuldfactor’. Hierin wordt meegenomen het feit dat het berijden van een paard altijd een risico met zich meebrengt vanwege het onberekenbare karakter van het dier.
Er zijn maneges die aansprakelijkheid uitsluiten, bijvoorbeeld door het plaatsen van een bord met de tekst ‘rijden en betreden op eigen risico’. De wet heeft bepaald dat dit niet kan en de borden daarom nietig verklaard. Een paardenstal zal derhalve altijd een aansprakelijkheidsverzekering moeten afsluiten en dat gebeurt helaas niet altijd.
Zo samenvattend kan gesteld worden dat de eigenaar van een paard aansprakelijk is voor de schade die het paard aanricht (net als bij kinderen), tenzij het paard bedrijfsmatig door een andere gebruiker wordt gebruikt. Aan de hand hiervan kan de vraag in de eerste alinea dan ook bevestigend worden beantwoord.
Echter, hier geldt een uitzondering op de regel. In een sport- en spel-situatie wordt aansprakelijkheid niet aangenomen op grond van de risico-aansprakelijkheid (altijd aansprakelijk). In een sport- en spelsituatie zoals in een paardenwedstrijd, wordt gekeken naar het handelen van de veroorzaker van de schade.
Bij een botsing kan sprake zijn van een ongelukkige samenloop van omstandigheden. In dat geval kan er geen onrechtmatigheid worden aangenomen. Het kan ook voorkomen dat een ruiter onzorgvuldig handelt, waardoor zijn paard een ander een letsel toebrengt, bijvoorbeeld bij roekeloos rijden. In dat geval is de eigenaar van het paard wel weer aansprakelijk, ondanks het feit dat het ongeval tijdens of voorafgaand aan een wedstrijd is ontstaan.
Er zijn veel uitspraken over letselzaken en uiteindelijk hangt veel af van alle relevante omstandigheden van het geval. In ieder geval zal een eigenaar of bedrijfsmatige gebruiker van een paard altijd moeten zorgen voor een deugdelijke verzekeringsdekking. Dan kunnen de verzekeraars onderling wel de schuldvraag uitzoeken.
Even van de hak op de tak. Het is bijzonder dat de wereldbekerfinale dressuur drie Nederlandse prijswinnaars heeft opgeleverd en de wereldbekerfinale springen slechts één Nederlandse deelnemer zal tellen. Dat de dressuur in opmars was, is geen nieuws. Maar deze statistieken zijn wel zeer verrassend.
Mr. Stephan Wensing, advocaat
Deze column verscheen vrijdag 2 april 2010 in De Paardenkrant. Terug |