02-11-15 - Dresuurstal in het gelijk gesteld

Plaatsing: 05-11-2015
Uitspraken >> Nieuws

De cliënten van mr. Wensing exploiteren een dressuurstal en hebben bemiddeld bij de aankoop van een paard. De koper van dit paard heeft het paard bij de cliënten gestald voor stalling en training. De stallingskosten werden door de koper aanvankelijk betaald. Vervolgens bleek een derde partij geïnteresseerd in de aankoop van dit paard, maar daar is de eigenaar niet op ingegaan. Daarna is het paard opgehaald.

Door de wederpartij werd gesteld dat hij het paard op advies van de cliënte zou hebben gekocht, omdat hij daarmee geld zou verdienen. Na enkele maanden bleek dit niet haalbaar en daarom stopte de wederpartij met betaling van de stallingskosten. De wederpartij stelt de cliënten aansprakelijk voor de aanschafprijs, de bemiddelingskosten, de betaalde stallingskosten en wel op basis van een onrechtmatige daad; de cliënten hadden het paard met winst moeten door verkopen.

De cliënten hebben in de procedure betwist dat zij zouden hebben gegarandeerd dat het paard met winst verkocht zou worden. Deze garantie is ondenkbaar. Bovendien is de eigenaar aansprakelijk voor alle kosten van zijn paard.

De rechter van de rechtbank Zeeland-West-Brabant stelt vast dat niet is gebleken dat er sprake is van een afspraak tussen partijen op grond waarvan de cliënten een minimale koopsom zouden garanderen. De wederpartij wordt dan ook in het ongelijk gesteld en veroordeeld in de kosten van de procedure.

Terug
↑