12-05-15 - Cliënte wint kort geding

Plaatsing: 12-05-2015
Uitspraken >> Nieuws

De cliënte van mr. Wensing kocht in 2014 een aantal paarden van een paardenhandelaar, waarvan 50% van de eigendomsrechten van een tweetal hengsten. De transacties gingen gepaard met miljoenen euro´s. Na de koop bleek tussen partijen onenigheid te ontstaan over de wijze waarop de overeenkomsten werden uitgevoerd door de wederpartij. De cliënte heeft de met de wederpartij gesloten overeenkomsten vernietigd middels onder meer een beroep op dwaling. Meer subsidiair vorderde de cliënte verdeling van de ontstane gemeenschappen. Vervolgens heeft de cliënte beslag laten leggen op onder meer een goedgekeurde dekhengstdie partijen in gezamenlijke eigendom hebben. Dit paard werd tevens in gerechtelijke bewaring genomen. Hierbij bleek het paard behept met gebreken hetgeen de cliënte niet bekend was. De wederpartij heeft een kort geding procedure tegen de cliënte aangespannen en opheffing van het beslag en de bewaring gevorderd. Hierbij stelde de wederpartij zich onder meer op het standpunt dat de vorderingen van de cliënte ondeugdelijk zouden zijn en het paard terug moest om deel te kunnen nemen aan internationale wedstrijden. De kort geding besliste in het voordeel van de cliënte. De vorderingen van de cliënte zijn voldoende onderbouwd en het belang van beslag en bewaring weegt zwaarder dan de belangen van de wederpartij.   

Terug
↑