Wel of geen consumentenkoop? |
| Plaatsing: 29-12-2025 |
Juridisch kader:
Oordeel kantonrechter in het incident:
1) Art. 7:5 lid 2 BW niet van toepassing
De koopovereenkomst is rechtstreeks gesloten tussen koper en de in het contract genoemde verkoper.
De stal/handelaar die bij bezichtiging/communicatie betrokken was, is niet de contractspartij en is ook niet gedagvaard. Daarom is geen sprake van een “verkoop door een gevolmachtigde” in de zin van art. 7:5 lid 2 BW.
2) Is de verkoper “professioneel” (beroep/bedrijf)?
De kernvraag is of de verkoper handelde in het kader van een handels-/beroepsactiviteit.
De kantonrechter benadrukt: dit is een kwalificatievraag die afhangt van betwiste feiten; de stelplicht en bewijslast van de feiten die tot consumentenkoop leiden, liggen bij de koper.
3) Koper maakt professionaliteit voldoende aannemelijk
De koper onderbouwt met stukken dat de verkopers zich (structureel) bezighouden met paardenfokkerij en (ver)koop, o.a. via:
De verkopers weerspreken dit, maar onderbouwen onvoldoende (o.a. beperkte fiscale stukken; tegenstrijdige verklaringen over wat tijdens de verkoop is gezegd; en uitleg van “marge” in de koopovereenkomst die juist op btw/margeregeling kan duiden).
Conclusie: de kantonrechter acht de contractuele verkoper aan te merken als professionele verkoper en dat de koper dit ook zo mocht begrijpen.
Uitkomst:
Terug